vrijdag 19 juli 2013

Dag 10 - 16 juli: Capitol Reef

Dag 10 - dinsdag 16 juli: Capitol Reef
De Brazilianen waren al op toen we vanmorgen wakker werden. Hoewel ik er helemaal niets van gemerkt had vertelde Bert dat het ook vannacht goed raak was geweest,  met een schreeuwende mevrouw, het eindeloos oppompen van het luchtbed (lek?) en het doordringende geluid van de claxon. Gelukkig voor de medekampeerders bleef het bij deze ene nacht, ze waren aan het inpakken. Dat ging natuurlijk ook niet van een leien dakje, maar zowaar zat de hele familie toch opeens aan een gezamenlijk ontbijt. Wel een triest gebeuren eigenlijk, we hebben ze geen één keer zien lachen.
Goed, ook weer achter de rug. Wij waren zo slim geweest om Engelse muffins te kopen (hebben niets te maken met wat wij in Nederland muffins noemen), die laten zich uitstekend roosteren. Dat was een stuk lekkerder dan het ondefinieerbaar smakende op brood lijkende baksel dat we daarvoor hadden. Het plan was vandaag in elk geval twee trails te lopen en daarna terug te rijden naar Torrey, dat ligt 11 mijl voor de ingang van het park. Met een tweeledig doel: foto’s maken van de prachtige omgeving onderweg, en uitzoeken of Café Diablo nog bestond. Dat laatste stond in de Trotter beschreven als het summum van de Amerikaanse kookkunst, in elk geval in Utah maar mogelijk ook daarbuiten. Een kok die zijn opleiding aan een gerenommeerde hotelschool in New York had genoten en daarna zijn emplooi in een gat als Torrey had gevonden. Het was min of meer toevallig dat Bert het las, op een of andere manier hadden we het altijd over het hoofd gezien.
Capitol Reef is een oase middenin een gebergte dat rijk is aan mineralen. De kleuren die daardoor in dat gebergte ontstaan zijn fenomenaal: rood, groen, grijs en alles wat er tussenin zit. Vooral als de zon erop schijnt weet je niet wat je ziet. En dat alles in rotsformaties in de meest onwaarschijnlijke vormen. De groene oase vormt het hart van de vallei en  wordt gevoed door de Fremont River, die er dwars doorheen loopt. Mormonen hebben ooit het land geschikt gemaakt om er te kunnen wonen en er vooral veel fruitbomen aangeplant.

We begonnen met de Cohab trail vlak tegenover de campground. Het was een redelijk stuk klimmen en stond aangekondig als ‘strenuous’,  maar Amerikanen zijn meester in het overdrijven en het viel dan ook reuze mee. Wel ontzettend de moeite waard! Wat een natuur. Het land blijft ons verrassen.







We waren in een uurtje uit en thuis. Tijd genoeg dus voor de volgende trail: de Grand Wash. Dit was een iets langere tocht maar ook alweer zo onwaarschijnlijk mooi. Je loopt in een rivierbedding, dus het blijft wel altijd uitkijken bij regen en onweer. De Ranger, aan wie nog even om advies vroegen wat betreft het weer, vertelde dat er vandaag wel een ´moderate alert´ uit was gegaan vanwege overstromingen, maar dat het goed te doen zou zijn. Mocht het toch gaan regenen, dan gewoon hogerop gaan en wachten tot het over was. Geen regen gezien gelukkig! Maar wel ook weer een schitterende tocht, tussen de hoge steile rotswanden door.





Na deze tour reden we naar Torrey. 

Help! Politie!

Hoewel...niets is wat het lijkt dat het is...... 


Dit is dus onze Captiva waar alles moeiteloos in past

Onderweg schoten we mooie plaatjes en ter plekke aangekomen vonden we snel El Diablo. Een bloemenborder met onder andere Afrikaantjes keurig in het gelid was het eerste wat opviel. Het zag er prima uit dus. We reserveerden een tafel voor ’s avonds en dronken er een Mexican Bridesmaid, dat is limonade met zelfgemaakte ijsthee. De refill was gratis. De menukaart mochten we ook vast even bekijken: dat beloofde wat!
Goed, rond zeven uur arriveerden we bij de Duivel in eigen persoon. Zoals overal in Amerikaanse restaurants werden we met open armen ontvangen en naar een tafeltje gebracht. We hadden onze keuze al snel gemaakt en de voorgerechten stonden binnen tien minuten op tafel. Schitterend opgemaakt, echt een kunstwerkje! Ik had een citrus and orange salad, en Bert warme paddestoelen met spinazie. 



Bij mijn eerste hap proefde ik alleen sinaasappel en een droog blaadje sla, maar even dooretende kwamen er geweldige smaken tevoorschijn. Er zat ook nog iets van gesuikerde noten in zodat het geheel uitstekend voldeed aan de norm van zoet, zuur, bitter en zout. Bert had een soortgelijke ervaring: zijn salade zat in een rechtopstaande knapperige groene tortilla, met een saus van groene tomaten eromheen. Heerlijk!
Terwijl we aan het smullen waren stond opeens de serveerster met ons hoofdgerecht al aan onze tafel. We waren nog niet halverwege ons voorgerecht….ze wilde het in eerste instantie toch neerzetten, onder het mompelen van wat excuses. Dat zagen wij toch niet zitten, en uiteindelijk nam ze het maar weer mee terug. Nu doen ze dat meestal hier, het eten brengen als je de laatste hap van het voorgaande nog maar net hebt doorgeslikt, maar dit sloeg alles. En dat voor zo’n gerenommeerd restaurant! Nou ja, een half uurtje later kregen we opnieuw het kunststukje (want dat was het zeker) gepresenteerd. Vier heel dikke lamskoteletten, een taartje van rijst met zwarte bonen en eromheen iets van een donkere saus. Alles gegarneerd met groene asperges.


Het vlees was perfect gegrild. Gemarineerd in Provençaalse kruiden en botermals. De saus: ik dacht eerst dat het iets met lever was, maar bij nader inzien was het de Mexicaanse bonenpuree (frijoles refritos) die je daar bijna overal bij krijgt. Helaas was dit een hele slechte combinatie met het vlees. Fusion cooking kan heel goed, maar je moet niet zomaar iets bij elkaar gooien.  Het viel bij ons allebei verkeerd. Jammer.
Als toetje, en om de smaak wat te neutraliseren, nam Bert cheesecake en ik een stuk chocoladetaart dat de afmetingen had van een forse schoenzool. Dat verdween dan ook al gauw in een piepschuimen doosje, voer voor de volgende dag.
Ik wilde afsluiten met mijn laatste slokje van mijn (enige) glas wijn. Hé?? Glas weg! Had de serveerster het maar meegenomen, bij navraag omdat ze dacht dat ik toch wel geen trek meer zou hebben. Gelukkig bracht ze me een nieuw glas, met nog een klein slokje.
Al met al toch geen doorslaand succes. Als we het bij de voorgerechten hadden gelaten was het een ander verhaal geweest natuurlijk.

Terug bij de tent doken we nog even in onze boeken, ik ben zelf gegrepen door Murakami (IQ84). Morgen weer een lange rit.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten